Vaccinatie bij de hond

Tegen welke ziekten kan je je hond laten vaccineren?

a) hondenziekte = ziekte van Carré = Distemper
Dit virus tast alle hondachtigen aan en is overal ter wereld te vinden. Het virus wordt overgebracht door lichamelijk contact met een ziek dier of via de uitwerpselen van een ziek dier. Bij pups is de ziekte dodelijk, bij oudere dieren veroorzaakt het een blijvende invaliditeit (blijvende zenuwstoornissen) die vaak euthanasie tot gevolg hebben.

b) kattenziekte = parvovirose van de hond
Dit virus is pas in 1978 ontdekt. Bij puppies is het virus vaak dodelijk. Het zorgt voor zeer veel braken en (bloederige) diarree) en het is zeer besmettelijk. Het wordt overgezet via uitwerpselen van een zieke hond en niet via de kat !!!!

c) Kennelhoest = hondengriep = besmettelijke tracheo-bronchitis of hondenhoest
Deze ziekte wordt veroorzaakt door 2 virussen en een bacterie. De ziekte is niet dodelijk, maar veroorzaakt een verzwakt ademhalingsstelsel zodat het dier chronisch hoest en vatbaarder is voor longontstekingen.

d) besmettelijke hepatitis = leverontsteking
Dit virus wordt o.a. overgedragen door urine, mest en speeksel van besmette honden en ratten en is vaak dodelijk voor jonge dieren. Oudere dieren krijgen te kampen met chronische problemen.

e) leptospirose = rattenziekte = ziekte van Weill
Deze ziekteverwekker wordt overgedragen via urine van besmette honden (en ratten). De ziekte is ernstig en is ook voor de mens gevaarlijk.

f) hondsdolheid = rabiës = razernij
Dit virus met dodelijk afloop is ook zeer gevaarlijk voor de mens. Het wordt overgebracht door contact met speeksel van een besmet dier of door het eten van knaagdierenlijkjes, gestorven aan rabiës. Elke warmbloedige is vatbaar. Als u naar het buitenland wil reizen met uw huisdier is deze vaccinatie verplicht.

 

Wanneer kan je het best laten vaccineren?

– Pup:
De eerste puppy enting is meestal rond 6 weken gebeurd bij de fokker.
Vanaf ongeveer 9 weken kan de eerste volledige “cocktail” (hondenziekte, kattenziekte, leverziekte, rattenziekte) gegeven worden, eventueel samen met kennelhoest.
Op 12 weken wordt de tweede “cocktail” gegeven, ook eventueel samen met kennelhoest. De rabies (hondsdolheid) vaccinatie kan nu ook gegeven worden.
Daarna volgt er nog een herhaling op 16 weken en op 6 maanden tegen distemper (hondenziekte), parvovirose (kattenziekte), en hepatitis (leverziekte).

– Volwassen hond:
Elk jaar moet er een booster (herhaling) gegeven worden. Het ene jaar zal een volledige vaccinatie gegeven worden en het volgende jaar moet uw hond maar een ‘kleine’ spuit krijgen. Vraag uw dierenarts om advies. Het is niet goed om te weinig te vaccineren, maar te frequent vaccineren hoeft ook niet.

– Rabies:
Deze vaccinatie kan vanaf 12 weken gegeven worden. Dit kan gebeuren samen met de tweede vaccinatie (op 12 weken) of apart op eender welk tijdstip. De herhaling moet voor de meeste landen binnen de Europese Unie maar om de drie jaar gegeven worden. Het vaccin begint te gelden 3 weken na de vaccinatiedatum.

 

 

Sommige van deze vaccinaties zijn in sommige omstandigheden verplicht.

– Gaat je hond naar de kennel dan moet hij, buiten de routine vaccinaties, ook gevaccineerd worden tegen kennelhoest. De betere kennels vragen dat deze vaccinatie maximum 6 maanden geleden gegeven is.

– Ga je naar het buitenland met de hond, de kat of een fret dan moet deze een vaccinatie voor rabies (hondsdolheid) gekregen hebben, minstens 21 dagen voor vertrek.

 

U kan bij ons steeds terecht voor de correcte informatie over de vaccinaties.

Om de kosten van de vaccinatie onder controle te houden hebben we een programma opgesteld waardoor de prijs van de vaccinaties zeer voordelig uitkomt.

Lees hiervoor het volgende:

GEZONDHEIDSPLAN